‘Papa, wat is dat nou met die twee kaarsen wat de diaken doet?’

(CNS photo/Mike Crupi, Catholic Courier)

Mogelijk is dit de vraag die een kind of jongere komende zondag 1 februari aan zijn vader of moeder naast hem in de kerkbanken stelt na afloop van de viering. Want diaken Winnubst zal na afloop van die viering aan wie wil de Blasiuszegen geven. Dat wordt ook bij de mededelingen komende zondag vermeld. Om nu als (groot)ouders voorbereid te zijn op die en mogelijk ook meerdere vragen van de aanwezige (klein)kinderen bij deze het verhaal achter de Blasiuszegen. Deze wordt in katholieke kerken ieder jaar gegeven op 3 februari. In de volksmond wordt deze ook de ‘blaasjeszegen’ genoemd. Volgens een middeleeuwse traditie is dit ritueel vooral bedoeld ter voorkoming van keelaandoeningen en andere kwalen. Maar waar komt die naam vandaan en wat houdt het in? Lees maar verder!

De Blasiuszegen is vernoemd naar de heilige Blasius. Historisch is er nagenoeg niets over hem bekend, behalve dan dat hij in de vierde eeuw geleefd moet hebben. Volgens diverse legenden was hij een arts die tot bisschop van de Armeense stad Sebaste werd gekozen. Omdat hij getuigde van zijn geloof in Christus zou hij na vele gruwelijke martelingen zijn onthoofd. Zijn verering is wellicht pas door de kruisvaarders naar West-Europa overgebracht.
Het meest bekend is het verhaal waarin Blasius kort voor zijn marteldood een jongetje genas dat door een visgraat in zijn keel dreigde te stikken. Deze vertelling zou ten grondslag hebben gelegen aan de Blasiuszegen in de vorm zoals we die nu kennen.

K & K… keelziekten en kaarsen

Op 3 februari, de liturgische feestdag van Sint-Blasius, wordt in veel katholieke kerken na de eucharistieviering de gelegenheid geboden om de Blasiuszegen te ontvangen. De priester of diaken houdt daarbij twee op Maria Lichtmis gewijde kaarsen in Andreaskruisvorm verbonden onder de kin van de gelovigen. De bedienaar bidt dan: ‘Moge God u op voorspraak van de heilige Blasius bevrijden van keelziekten en andere kwalen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest’.
Dat de Blasiuszegen met kaarsen wordt verricht is afkomstig van het middeleeuwse gebruik om frequent kaarsen aan Sint-Blasius te offeren. Dit zou teruggaan op de legende van een vrome vrouw die de gevangengenomen bisschop van Sebaste dagelijks in de kerker opzocht, hem te eten gaf en van een kaars voorzag. Blasius zou de vrouw gevraagd hebben hem ook na zijn dood kaarsen te blijven schenken. Als beloning zou de vrouw tegen ziekte gevrijwaard blijven.

Maar er is meer…

In vroegere tijden werd de Blasiuszegen ook met brood, wijn, water en vruchten gegeven. Vooral in Vlaanderen kwam dat veel voor. Daar werd Blasius op sommige plekken trouwens ook aangeroepen tegen oogziekten. In Zuid-Duitsland en Tirol wordt hij soms nog vereerd als beschermer van de veeteelt en de akkerbouw. In de Franse streek Savoy stond Blasius bekend om zijn hulp aan meisjes die moeilijk aan een man konden komen .

Relieken en traditie!

In Kroatië staat Sint-Blasius bekend als de patroonheilige van Dubrovnik. In deze stad zouden zijn belangrijkste relieken worden bewaard: zijn hoofd, een stuk halsbot en zijn handen. Die worden op 3 februari meegedragen in een grote openbare processie te zijner eer. In de Griekse traditie wordt Blasius op 11 februari gevierd. In Griekenland zijn vele dorpen naar hem vernoemd. In Rusland bidden gelovige boeren op 11 februari tot Blasius om bescherming van hun vee.

(Bron: Website KRO – NCRV)

Dit bericht is geplaatst in Nieuws item, Nieuwsberichten. Bookmark de permalink.